Goed voornemen voor 2020: meer apenkooien!

Ben jij het nieuwe jaar ook met goede voornemens begonnen? De afgelopen weken regende het namelijk weer lijstjes goede voornemens in de media. Afvallen en meer sporten scoren daarin hoog. Ook een betere balans tussen werk en privé of minder stressen staan de laatste jaren steevast in de top 10 van goede voornemens.

Veel van die goede voornemens sneuvelen helaas al in de eerste weken van het nieuwe jaar. Dat leidt tot een fenomeen dat ‘Blue Monday’ heet. Dat is aanstaande maandag. Dat is de meest deprimerende dag van het jaar; de Kerstdagen en skivakantie liggen achter ons, geplande vakanties zijn nog ver weg en van de meeste voornemens is niets terecht gekomen. Kortom, stress.

Als ik dat soort lijstjes van goede voornemens zie, moet ik denken aan vroeger. Aan toen we als kind met onbevangen enthousiasme gewoon iedere dag deed deden wat we leuk vonden. Of zoals Theo Maassen in een conference uit 1989 zei: “Waarom doen we eigenlijk niet gewoon datgene wat het fijnste is? Als je vroeger op school jarig was met de gym, mocht je kiezen wat je ging doen. Wat koos je dan altijd? Precies: apenkooi. Dan werd alles tevoorschijn gehaald; banken, kasten, touwen, rekken en dan te keer gaan. Dat was toch het mooiste wat er was. Maar waarom zijn er dan geen apenkooiverenigingen?”. 

Heb jij onlangs nog geapenkooid? Iets gedaan wat je echt leuk vindt! Jouw passie gevolgd! Met afgrijzen lees ik in de media de laatste tijd over het grote aantal burn-outs onder collega’s. Maar liefst 1 op de 5 heeft er meer te maken. Vaak ook jonge collega’s. Hoge werkdruk en een disbalans tussen werk en privé zijn de oorzaak. Dat complexe processen op het werk niet meewerken, we dagelijks met mondige patiënten te maken hebben en dat er misschien zelfs wel onmin binnen de maatschap of vakgroep is, helpt ook niet echt.

Hoe kan het toch dat het vuur waarmee we voor het prachtige vak van arts hebben gekozen soms zo kan uitdoven? Dat we de roeping ergens in de waan van de dag kwijtraken. Terwijl dat moment waarop we met veel passie en hoge verwachtingen onze studiekeuze maakten, soms niet eens zo heel ver achter ons ligt.

Gelukkig zijn er ook hele mooie verhalen die een tegengeluid laten horen zoals het artikel van collega Anna de Pagter in de Volkskrant van 26 december. Zij schrijft over de bezieling waarmee gelukkig nog steeds veel collega’s in de zorg werken. Tegen de stroom van negatieve artikelen over de staat van onze zorg in. Of zoals ze concludeert: “Meer dan ooit besef ik dat bezieling en échte aandacht voor de patiënt voorop staan. In echte verbinding tussen hulpverlener en patiënt zit een wederkerigheid en daar ligt de sleutel tot goede zorg. Wanneer we die verbinding met de patiënt zoeken, volgt perfecte zorg vanzelf. Laten we goed voor de hulpverleners zorgen, zodat ze in staat zijn zo’n verbinding aan te gaan”.

Dus hoe ga jij in 2020 goed jezelf zorgen? Hoe behoud je jouw bezieling of hoe krijg je hem zelfs weer terug? De sleutel ligt bij medisch leiderschap. Dat is grenzen stellen en kiezen voor wat jij als specialist, huisarts of aios echt belangrijk vindt. Weer opnieuw zin krijgen in het werk, in het vak. Met meer medisch leiderschap krijg je meer bezieling.